Zwembandjes: welke kies je?

Geplaatst op 22-06-2018

Heeft je kind nog geen zwemdiploma, dan zijn zwembandjes en andere drijfmiddelen een must in het zwembad of op het strand. Helaas zijn niet alle zwemhulpmiddelen even veilig en zijn zwembandjes niet altijd geschikt. Welke mogelijkheden zijn er en wanneer gebruik je wat?

Wat zijn zwembandjes?

Zwembandjes, ook wel zwemvleugels genoemd, zijn bedoeld voor kinderen die nog helemaal niet kunnen zwemmen. Het zijn opblaasbare of schuimrubber bandjes die je om de bovenarmen van je kind doet, zodat hij blijft drijven en zijn hoofd boven water kan houden. Dat de zwembandjes vaak oranje zijn of andere felle kleuren hebben, is niet voor niets. Zo is je kind goed zichtbaar in het water. Hoewel zwembandjes in principe veilig zijn, moet je je kind niet alleen in het water laten. Opblaasbare bandjes kunnen lek raken of er kan iets anders misgaan. Altijd samen met je kind het water in dus, zolang hij geen zwemdiploma heeft.

Veilig gebruik zwembandjes

Let er bij de aanschaf van opblaasbare zwembandjes op dat ze meerdere luchtkamers en veiligheidsventielen hebben. Mocht er een bandje lek raken, dan blijft je kind in elk geval drijven. Ook is het belangrijk dat je de zwembandjes goed omdoet: doe ze om de bovenarmen van je kind, dicht bij de oksels, en blaas ze vervolgens op. De niet-opblaasbare zwembandjes doe je ook zo hoog mogelijk om de bovenarm. Let op dat ze strak genoeg zitten, zodat ze niet naar beneden kunnen zakken.

Wanneer zwembandjes

Ga je samen met je kind vrij zwemmen in een zwembad, dan is het belangrijk om je kind zwembandjes te laten dragen als hij nog niet kan zwemmen. Deze moeten hoog om de bovenarmen van je kind zitten. Zo kan je kind zich vrij bewegen in het water, maar blijft zijn hoofd volledig boven. Ook als hij niet met zijn benen beweegt, maar wat ronddobbert in het water. Blijf wel altijd bij je kind als hij in het water is. Laat de bandjes ook om de armen van je kind zitten als hij niet zwemt. Mocht hij per ongeluk in het zwembad terechtkomen, dan is hij veilig.

Wanneer liever geen zwembandjes

Ga je met je kind zwemmen in een rivier of de zee, dan zijn zwembandjes niet de beste keuze. Doordat je kind met bandjes om op het water drijft, kan stroming of wind ervoor zorgen dat je kind meegevoerd wordt. Ook kan het hierdoor gebeuren dat je kind in plaats van verticaal, horizontaal in het water komt te liggen, met zijn gezicht in het water. En dat is nou precies wat je niet wilt. Kies daarom bij open water liever voor een zwempakje met drijvers. Mooie bijkomstigheid: zo’n pakje beschermt je kind vaak ook nog tegen de zon, ideaal dus als je een dag naar het strand gaat.

Je kind in ondiep water zwembandjes laten dragen is ook geen goed idee. Als je kind met zwembandjes en al voorover valt, kan het lastig zijn om in het ondiepe water op te staan. De gouden regel: zolang het water niet hoger komt dan de knieën van je kind, is het niet nodig om zwembandjes om te doen.

Zonder bandjes het water in

Kan je kind niet zwemmen, doe hem dan in en rond het zwembad altijd zwembandjes om. Wel is het goed om soms de bandjes af te doen en samen met je kind het water in te gaan, terwijl jij hem vasthoudt. Zo voelt je kind hoe het is om in het water te drijven en te bewegen zonder zwembandjes. Mocht je kind per ongeluk een keer in het water vallen zonder bandjes, dan is de kans kleiner dat hij in paniek raakt.

Andere zwemhulpmiddelen

Er zijn naast zwembandjes nog meer zwemhulpmiddelen, zowel voor recreatief gebruik als voor gebruik tijdens de zwemles om de zwemslagen aan te leren. Dit zijn de bekendste:

Zwemband

  • Dit is een opblaasbare band die om het middel wordt gedragen. Een zwemband is bedoeld als speelgoed en dus alleen geschikt voor kinderen die al kunnen zwemmen of die daarnaast ook nog zwembandjes om hebben. Let op dat de zwemband niet te strak rond het middel van je kind zit: hij moet er makkelijk in en uit kunnen glijden. Is de opening te klein, dan kan je kind vast komen te zitten en bestaat de kans dat hij niet meer rechtop kan komen als hij kopje onder is gegaan.
  • Babyzwemzitje (babyfloat)

    Een babyfloat is een zwemband met een soort stoeltje erin. Zo kan je baby lekker dobberen op het water. Een babyzwemband ligt stabiel in het water en biedt veel drijfvermogen. Let wel goed op dat het zitje geschikt is voor het gewicht van je kind, want je hebt ze in verschillende maten. Bij een sterke stroming of in een golfslagbad kun je het babyzitje beter niet gebruiken, de band kan dan met baby en al omslaan of wegdrijven. Ook belangrijk om te weten: zo’n babyzwemband is bedoeld als speelgoed. Blijf er dus altijd bij.

  • Zwempakje met drijvers

    Dit is een soort zwemvest met aan de voor- en achterkant twee grote platte drijvers, bij de schouders twee kleine drijvers en om de hals een drijvend nekstuk. Het zwempakje heeft aan de voorkant een rits, maar je kunt het ook achterstevoren aandoen bij je kind, zodat hij het pakje niet zelf uit kan doen. Een drijfpakje is geschikt voor kinderen die oud en sterk genoeg zijn om zelf hun hoofd boven water te houden door te trappelen. Als je kind stil in het water hangt, zakt hij tot ongeveer zijn mond onder water, waardoor enige zwemervaring wel nodig is. Een voordeel van zo’n zwempakje ten opzichte van zwembandjes is dat jonge kinderen het zwempakje niet zelf uit kunnen trekken en dat het niet lek kan gaan of kan leeglopen. Let bij aanschaf wel goed op de leeftijds- en gewichtscategorie, dat de drijvende kraag goed past en dat de drijvers niet te veel kunnen bewegen. Let op: het zwempak is geen reddingsvest, dus zoals bij alle zwemhulpmiddelen geldt: blijf in de buurt van je kind. Sommige zwemscholen die werken met de diepwatermethode, waarbij kinderen meteen het diepe ingaan, laten kinderen tijdens de zwemlessen een drijfpakje zonder nekstuk dragen. Zo kunnen ze zich makkelijk en toch veilig bewegen terwijl ze hun zwemslagen oefenen.

  • Zwemplankje

    Een zwemplankje is een zwemhulpmiddel dat gebruikt wordt tijdens de zwemles of om mee te spelen en oefenen. Een zwemplankje kan snel uit de handen van je kind schieten en is daarom niet geschikt als hulpmiddel in diep water als je kind nog niet (goed) kan zwemmen. Het is wel leuk om mee te spelen in ondiep water of te gebruiken in combinatie met zwembandjes of een drijfpakje.

  • Zwemgordel

    Een zwemgordel, ook wel zwemkurk genoemd, is ontwikkeld voor het zwemonderwijs. Met de zwemgordel komt een kind horizontaal in het water te liggen en zo kunnen de zwemslagen aangeleerd of verbeterd worden. Als je kind bezig is met het leren van de zwemslagen en al in het diepe mag, kun je de zwemgordel ook gebruiken om te oefenen als je samen met je kind naar het zwembad gaat.

  • Zwemtube

    Een zwemtube, ook wel flexibeam genoemd, wordt gebruikt om mee te spelen in het zwembad, maar ook als zwemhulpmiddel om de verschillende zwemslagen aan te leren. De flexibeam helpt je kind om te drijven en geeft een stabiel en een veilig gevoel in het water, waardoor er beter geoefend kan worden. Als je kind nog niet goed kan zwemmen, is de flexibeam geen veilig hulpmiddel. Je moet je kind dan ook nog zwembandjes of een drijfpakje omdoen.

Veilig op de boot

Gaat je kind varen, dan is het belangrijk om hem altijd een reddingsvest aan te doen. Ook als je kind al een diploma heeft. Een reddingsvest is van alle drijfhulpmiddelen het enige reddingsmiddel.

Deel dit bericht:

Blog

  • Waterratten... maar na ruim een jaar toch nog geen zwemdiploma

    Je kent ze vast wel, kinderen die meer onder water zijn dan boven water. Echt...

    Lees meer
  • Zwembandjes: welke kies je?

    Heeft je kind nog geen zwemdiploma, dan zijn zwembandjes en andere drijfmid...

    Lees meer
Archief

Om jou zo goed mogelijk te helpen de juiste informatie te vinden, gebruiken we cookies op deze website. Hiermee kunnen we (soms in samenwerking met derden) jouw internetgedrag volgen. Als je verder gaat op deze website, gaan we er vanuit dat je daar akkoord mee bent. Meer weten? Bekijk onze cookiepagina.